How can we help?

WIP-richtlijn BRMO (Bijzonder Resistente Micro-Organismen) (Ziekenhuizen)

Gratis inspectie app

Je kan de onderstaande checklist gratis invullen op het Checkbuster platform. Dit kan je doen op een lap-top of PC. Natuurlijk kan je de inspectie ook invullen met de Checkbuster App op je telefoon.

6.1 Klinische patiënt

  • Voor patiënten met een BRMO wordt de isolatievorm per BRMO bepaald zoals aangeven in Tabel 4 ‘Isolatievormen per BRMO bij patiënten met een incidentele BRMO’.
  • Contactisolatie van de individuele patiënt wordt met een resistent isolaat behorend tot de Enterobacteriaceae toegepast in een eenpersoonskamer.
  • De BRMO-positieve status wordt vermeld in het medisch en verpleegkundig dossier van de patiënt.

6.3 Overplaatsing

  • Er wordt voorafgaand aan de overplaatsing naar een andere afdeling, ziekenhuis of verpleeghuis gemeld dat de patiënt BRMO-positief is.

6.4 Heropname

  • Bij heropname van patiënten die korter dan 1 jaar geleden BRMO positief zijn bevonden, worden direct de isolatiemaatregelen ingesteld.
  • Er wordt, wanneer de lokale situatie daar aanleiding toe geeft, een patiëntenvolgsysteem overwogen.

7. Contactonderzoek bij onverwachte BRMO

  • Contactonderzoek wordt uitgevoerd volgens het ringprincipe wanneer bij een patiënt onverwacht een BRMO is aangetroffen.
  • Contactpatiënten worden niet, in afwachting van de uitslag van de BRMO test, geïsoleerd.
  • Er vindt geen contactonderzoek onder medewerkers plaats.
  • Als uit het contactonderzoek blijkt dat verspreiding heeft plaatsgevonden, wordt de procedure gevolgd die geldt voor een uitbraaksituatie.

8. Surveillance BRMO

  • Er wordt gericht onderzoek naar BRMO dragerschap uitgevoerd bij opname in het ziekenhuis van patiënten die minder dan twee maanden geleden langer dan 24 uur in een buitenlands ziekenhuis werden verpleegd: Gram-negatieve micro-organismen.
  • Er wordt gericht onderzoek naar BRMO dragerschap uitgevoerd bij opname in het ziekenhuis van patiënten die komen uit een ander Nederlands ziekenhuis van een afdeling waar een BRMO-uitbraak heerst, en die nog niet onder controle is: Afhankelijk van het soort micro-organisme waar de uitbraak mee is.
  • De patiënt wordt, in afwachting van de uitslag, verpleegd in contactisolatie.
  • De patiënt wordt verpleegd met bekende positieve Acinetobacter species kweekuitslag in strikte isolatie.
  • Er wordt bij patiënten bij wie resistente Acinetobacter species (zie Tb 4) zijn gevonden alsnog strikte isolatie ingesteld en er wordt contactonderzoek uitgevoerd onder de nog opgenomen kamergenoten.
  • Er worden bij een BRMO positieve patiënt maatregelen genomen om verspreiding te voorkomen.
  • Omgevingsonderzoek voor het opsporen van BRMO is niet geïndiceerd.
  • De gegevens die uit de routinematig uitgevoerde diagnostiek beschikbaar zijn worden regelmatig gecontroleerd en in aanvulling hierop wordt zonodig (punt)prevalentieonderzoek onder patiënten uitgevoerd naar dragerschap van BRMO.

9. Beëindigen van isolatie

  • De isolatie van patiënten met BRMO behorende tot de Enterobacteriaceae, non-fermenters of VRE worden niet opgeheven gedurende de opname.
  • Beëindiging van de isolatie wanneer langdurige isolatie een te grote belasting voor de patiënt vormt of een belemmering voor behandeling, wordt overwogen wanneer de patiënt tenminste twee negatieve BRMO-kweken, heeft afgenomen met een tussenpoos van tenminste 24 uur. Indien antibiotica zijn gegeven moet na het staken daarvan tenminste 48 uur gewacht worden met het afnemen van de eerste serie kweken.
  • Beëindiging van de isolatie wanneer langdurige isolatie een te grote belasting voor de patiënt vormt of een belemmering voor behandeling, wordt overwogen wanneer hierna minimaal eenmaal per week een serie controlekweken wordt afgenomen zolang de patiënt opgenomen is.

10. Reiniging en desinfectie

  • De isolatiekamer van de patiënt met BRMO wordt na ontslag of overplaatsing gereinigd en gedesinfecteerd.
  • Materialen en apparatuur die de kamer van een patiënt met BRMO verlaten worden direct gereinigd en gedesinfecteerd.

11. Beleid bij epidemische verheffing

  • Er wordt bij het nemen van infectiepreventiemaatregelen bij een uitbraak rekening gehouden met drie categorieën patiënten: BRMO-positieve patiënten, contactpatiënten met nog onbekende uitslag van het contactonderzoek en contactpatiënten die aangetoond BRMO-negatief zijn en
    nieuw opgenomen patiënten.
  • Clonaal verwantschap tussen de stammen of plasmiden met moleculaire typering worden bevestigd wanneer ondanks het verscherpen van de infectiepreventiemaatregelen verdere verspreiding plaatsvindt.

11.1 Isolatiemaatregelen bij epidemische verheffing

  • In het geval van (vermoeden van) een epidemische verheffing worden patiënten met BRMO altijd verpleegd in een eenpersoonskamer of in cohort.
  • Bij een epidemische verheffing en verdere verspreiding wordt de isolatie zo mogelijk uitgebreid naar strikte isolatie.
  • De patiënten worden zo mogelijk in drie cohorten verpleegd.
  • Er wordt brononderzoek uitgevoerd om de BRMO-bron van de uitbraak te identificeren.

11.2 Beleidsteam

  • Er wordt een beleidsteam geformeerd bij een epidemische verheffing met BRMO.

11.3 Contactonderzoek bij epidemische verheffing

  • Er wordt bij een epidemische verheffing contactonderzoek uitgevoerd bij alle patiënten die op de afdeling zijn verpleegd, minimaal sinds de 1e dag van de veronderstelde besmettelijke periode.
  • Er wordt bij aanhoudend nieuwe BRMO-positieve patiënten periodieke screening van patiënten ingevoerd (één- of tweemaal per week), tot de situatie onder controle is.
  • Screenen van medewerkers op dragerschap is niet nodig.
  • Omgevingsonderzoek voor het opsporen van BRMO wordt niet geïndiceerd.